De vier kwadranten van DiPasquale en Wheaton (1992)
De vier kwadranten van DiPasquale en Wheaton (1992). De notatie van kwadrant 3 volgt het origineel; in leerboeken wordt het verband vaak omgekeerd geschreven als C = f(P), wat inhoudelijk hetzelfde zegt. Bron: DiPasquale en Wheaton (1992, 1996).
| Kwadrant | Markt | Wat wordt bepaald | Vergelijking | In woorden |
|---|---|---|---|---|
| 1 (rechtsboven) | Ruimte: huurvorming | Huur R bij gegeven voorraad S en economie E | D(R, E) = S | De huur is het niveau waarbij de vraag naar ruimte gelijk is aan de voorraad |
| 2 (linksboven) | Activa: waardering | Prijs P uit huur R en kapitalisatievoet i | P = R / i | De waarde is de huur gedeeld door de rendementseis, die uit de kapitaalmarkt komt |
| 3 (linksonder) | Activa: nieuwbouw | Bouwvolume C waarbij prijs gelijk is aan vervangingskosten | P = f(C) | Er wordt gebouwd tot de prijs gelijk is aan de bouwkosten inclusief grond; bouwkosten stijgen met het bouwvolume |
| 4 (rechtsonder) | Ruimte: voorraadaanpassing | Verandering van de voorraad | ΔS = C − δS | De voorraad groeit met de nieuwbouw en krimpt met sloop en veroudering (δ); in evenwicht S = C / δ |
Tabel sorteren: klik op een kolomkop.
Downloaden
Tabel (CSV)Bronvermelding
PAM Research & Analytics (2026). De vier kwadranten van DiPasquale en Wheaton (1992). In: Hoe de Surinaamse vastgoedmarkt werkt (PAM-SI-2026-03). https://pamnv.com/data/vier-kwadranten-van-dipasquale-en-wheaton-1992-suriname.html
Meer uit dit rapport
SchemaWat de buren meten en Suriname nietGrafiekBouwprijsindex, mutatie op jaarbasis per kwartaalGrafiekInflatie en huisvestingsgroep van de CPI, 2026SchemaHet vier-kwadrantenmodel: vier markten, één kringloopSchemaDe olieschok door de kringloopSchemaDe Vastgoedmonitor Suriname: wat per kwadrant gemeten wordt